donderdag 18 november 2010

Een nieuwe strijkstok

Een tijdje al loop ik vast met mijn viooltechniek. Tot nu toe ging ik altijd voor klank, klank en nog meer klank. Sander mijn zoon doet de meest subtiele dingen op de viool die prachtig klinken. Het enige wat ik er tegenover kan stellen is dat ik harder kan. Nog harder duwen en trekken, daar wordt het allemaal niet mooier van. De laatste tijd ben ik dus aan het worstelen. Terug naar de kern van de noot. Subtiel Iers spelen is een kunst en daar weet ik dus alles van. Grappig daarbij is, als je altijd doet wat goed voelt, dan kom je niet verder. Een andere techniek kan net zo goed voelen alleen je hebt het je niet eigen gemaakt. Dus moet je op zoek en daardoor heen. Eenmaal de techniek eigen gemaakt, hoort het wel weer bij je en ben je een stap verder.

Gisteren op weg naar Het Strijkershuis. Het atelier van Hendrik Woldring de vioolbouwer van mijn viool. De viool past naast de stoel. De fiets de dag van te voren klaargemaakt voor de reis. Een tros bananen, een broodbak, drie stel droge fietskleren en normale kleren en schoenen. ’s Ochtends om kwart over acht fiets ik weg. Na een uur en driekwartier ben ik van deur tot deur gereden. Het is koud en ik heb tegenwind dus hard gaat het allemaal niet. Maar dat geeft niet. Een straat eerder gestopt om mijn koude wielren pak uit te trekken. Heerlijk een droge spijkerbroek en shirt. De fiets op slot voor de winkel en dan de warmte in…

Bij Barbara en Hein wordt ik altijd geweldig ontvangen. Even later zit ik met een kop hete dampende groene thee bij te komen. Een Leeuwarder is net een half jaar op les, en straalt als een kind in de Candy shop. Kinhouders proberen, stokken bekijken. Kisten opscheuren het mag allemaal. Dapper om op late leeftijd te beginnen. Meestal lukt het, ook als je ouder bent, om nog heel aardig te leren spelen.

Dan komt Barbara mij de stokkendoos brengen en begint het selecteren. Ik val al heel snel op een bepaalde stok. Aan het eind van de rit is dat de stok die nog geen week binnen is. Een Duitse stok gemaakt door een bogenbaumeister Sebastian Dirr. En natuurlijk de duurste in de doos, het zal ook niet zo zijn.

Daarna mag ik op drie nieuwe instrumenten van Hein spelen. Het eeste instrument is gemaakt van Populierenhout en er zitten darm snaren op. Het hout is heel bijzonder. Het komt van een populier uit Groningen die gerooid is. Zelf speel ik altijd met stalen snaren dus dat is wennen. Er staat minder spanning op de snaar. Aangezien ik een worstel violist ben, die druk moet voelen, moet ik lekker aanpassen. Hup alle techniek over boord, kruip in de viool. 

Hein bouwt nooit de beste viool. Hij is altijd op zoek naar de viool die het best is voor de violist. De topper van vandaag voor mij is een model naar Rougerie. Een klant met een erfenis is de wereld rondgevlogen om op alle beschikbare topviolen te spelen. Voor miljoenen heeft hij in handen gehad. Uiteindelijk kwam hij met een Rougerie viool bij Hein terecht. Hij wilde hem alleen hebben als Hein er een nieuwe zangbalk in wilde zetten.

Dit was natuurlijk de kans voor Hein om de viool op te meten. De nieuwe viool is geïnspireerd op dit model. De viool is net af en dan is het altijd een eer om er op te mogen spelen. Een superlicht spelende viool met een heerlijk timbre. Meteen ben ik van mijn gezwoeg af. Dit is een viool die een hele ander kant kan laten zien. Ik leef me heerlijk uit en geniet van het geweldige geluid.  Hein wordt helemaal enthousiast en probeert onder woorden te brengen wat een goede viool een goede viool maakt.

Daarna mag ik van Barbara alle kisten proberen die ze heeft. Ik zoek eigenlijk een betere kist om de viool in de Quest te vervoeren. Ze zal een kist voor me bestellen die speciaal gemaakt is voor vliegtuigen. Alleen de viool past in de kist de stok moet in een aparte stokkendoos. Het klinkt ideaal, ben benieuw of het wat is. Het merk heet "Bam", hoop niet dat ik de kist hoef te testen met de viool erin ;-). Als violist kom ik er gelaafd en geïnspireerd weer vandaan.

Om half twee op weg naar Heerenveen, even kijken of mijn ouders er zijn. Voor de wind trap ik meteen, ondanks de zware fiets, 38 kilometer per uur. Mijn toptijd op de racefiets was vroeger iets meer dan twee uur. Ik doe het nu in een uur en drie kwartier zonder me echt in te spannen.

Helaas is niemand thuis en fiets ik maar door naar huis. Helemaal verkleumd kom ik thuis. Het wordt geloof ik tijd voor de lange broek. Helemaal op een lange afstand is het anders veel te koud. Na een kwartier heet douchen krijg ik weer wat praatjes. En dan natuurlijk de hele avond muziek maken met Sander. We jammeren alle duets door die we kunnen vinden.

Toch weer 170 kilometer gefietst.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen