zaterdag 27 februari 2010

Triatlon


 Dinsdag had collega en triatleet Rein-Benno het idee om woensdag te zwemmen. “Ga je mee?” vraagt hij… Tja, ik heb vroeger veel hard gezwommen maar toen was ik 14 jaar. Dus dat is lang geleden. Daarna heb ik nog een keer getraind voor een aantal triatlons en daarna heb ik eigenlijk nooit meer echt baantjes gezwommen. Dus kan ik het nog..?

Woensdag de tas met de zwemspullen in de fiets gegooid met een handdoek en zwembrilletje en mijn werkkleding. Om half twaalf gaan we naar de Blauwe Golf in Leeuwarden. Het is vakantie en half Leeuwarden heeft hetzelfde idee als wij. Alleen gaan zij voor de glijbaan en wij voor het wedstrijdbad. In het wedstrijdbad liggen zo’n tien zwemmers dus ruimte genoeg.

Rustig begin ik met borstcrawl baantjes te trekken. Tot mijn verrassing houd ik het de eerste keer al acht baantjes vol. Na de eerste tien baantjes zwem ik er nog zo’n 35 baantjes bij. En eigenlijk gaat dat heel goed. De laatste baantjes gaan schoolslag heen en borstcrawl terug. Na 45 baantjes kap ik ermee. Ik kruip behoorlijk stuk het trapje op om even uit te hijgen op het bankje. Wow, in één keer een kilometer gezwommen dat is best goed.

Door de plezierige onderbreking gaat de rest van de dag op het werk als de brandweer. ’s Avonds stap ik in de fiets en ach een extra rondje via Stiens, Ferwerd, Holwerd, Dokkum kan geen kwaad. Met Dineke heb ik afgesproken om 18:15 thuis te zijn. Vanaf Holwerd heb ik de wind mee en houd ik twee brommers bij die met een gangetje van 45 kilometer per uur gaan.

Ik wil om vijf voor zes in Dokkum zijn dan kan ik het precies halen. In Dokkum ligt een heel stuk weg eruit om de riolering te vervangen en dat kost altijd extra tijd. Vandaar mijn marge van vijf minuten.  Precies op schema, ik heb nog een kwartier, zet ik aan voor het laatste stuk. Ik moet nu 40 kilometer per uur gaan fietsen….

Vlak voor ik Dokkum uit fiets, breekt mijn ketting. Bah!!! Het inkorten heb ik dus niet goed gedaan!! Meteen bel ik maar even met het thuisfront. Wat ga ik doen? Ketting maken of lopen. Het regent en het is koud, dus de ketting maken is niet erg verleidelijk. Bovendien worden je handen erg smerig, en heb ik de fiets vol met kleding.

Op fietsschoenen naar huis lopen dat gaat hem ook niet worden. Dineke wil mij wel even hardloopschoenen brengen en dan loop ik wel naar huis. Na een kwartiertje komt ze langs. Ondertussen heb ik de schade even bekeken en de ketting die door de onderste buis heen loopt ligt er helemaal uit. Die moet ik schakel voor schakel door de kettingbuis duwen over de lengte van bijna de hele fiets. Daarna om de derailleur en de tandwielen en terughalen naar de stoel. Dat gaat wel even duren….

Na de schoenen wissel begin ik aan mijn wandeling. Dokkum/huis, is nog 10 kilometer dus dat wordt twee uur lopen. Al snel heb ik er genoeg van om als een krom oud mannetje naast mijn fiets te lopen. Hardlopen dan misschien?  Is ook niet echt een oplossing voor krom lopen…. Plotseling herinner ik me Kees van Malssen. Die heeft het over steppen in de Quest.

Eén been gooi je in de Quest en zet je schrap naast het stuur. Met de rechterhand kan ik nog sturen en met het linkerbeen kan je dan steppen. Steppen in de Quest gaat geweldig! Je hebt plotseling een aerodynamisch step tot je beschikking. Het is best zwaar maar ik haal toch een top snelheid van 22 kilometer per uur. Daarna laat ik me steeds weer uitrijden tot 15 kilometer per uur en zet dan opnieuw aan. Daar kan je niet tegen lopen of hardlopen. Het steppen is best zwaar en zo nu en dan probeer ik van been te wisselen. Met mijn rechter been kan ik lang niet zo goed afzetten als met mijn linker been. Rechts haal ik net 15 kilometer per uur.

Na een half uurtje flink doorsteppen ben ik al thuis. Zelfs nog op tijd voor het warme eten. Na het eten de ketting gerepareerd met een tussenschakel. Kan de ketting op die plek niet weer breken. Wim Schermer had laatst een getordeerde ketting. Dus met een draadje aan de rechter kant van de ketting controleer ik maar even of de ketting niet gedraaid zit. Na een hele rondgang komt het draadje keurig aan de goede kant weer boven. Die zit goed!!

Daarna komt Richard uit Grou. Hij wil graag even de B&M IQ Cyo lamp testen. Zijn Quest is op zijn verzoek afgeleverd zonder licht. Aan hem de eer om de ketting te testen. Gelukkig houdt hij het. Richard is best tevreden over de lichtopbrengst. De testomstandigheden zijn dan ook ideaal. Donker en regen….!! Een betere test kan je niet wensen…. ;-(

Vandaag na mijn triatlon, fietsen, zwemmen, fietsen, hardlopen en steppen heb ik overal spierpijn. In mijn armen en handen van het zwemmen en in mijn kuiten van het steppen…. Volgende week maar weer proberen om te zwemmen dan went het misschien…. 

dinsdag 23 februari 2010

Lekke banden

Leg ergens in Friesland een stukje glas neer en mijn banden weten het feilloos te vinden. Van andere velonauten had ik al gelezen dat er best veel lekke banden zijn met een velomobiel. In mijn jeugdige onschuld denk je dan van te voren dat het bij mij niet zo’n vaart loopt. “De andere” zijn natuurlijk niet zo zorgvuldig als ik, en checken hun banden niet, of houden ze niet op spanning. In twee tochten presteer ik het om drie keer lek te gaan. Het lijkt er op als er één lekke band is gevallen in een tocht, dat dat uitnodigt tot meer lekke banden.

Een band verwisselen is in een velomobiel geen ramp. Alle gereedschap en reserve materiaal, nieuwe binnen en buitenband, en een extra jas zijn aan boord. Altijd is wel ergens een plekje met gras te vinden waar ik de fiets op zijn zij kan vleien. Maar als het koud is en het regent en het is donker en het waait en... dan demotiveert dat behoorlijk.

De banden in dit lijstje zijn allemaal zuivere lekke banden. Dus of een steentje of een stuk glas. De plakkers die niet hebben gehouden tel ik niet mee. Moet je de band maar beter plakken...
















Kilometers tot een lekke band:











Harry Lieben demonstreert geweldig hoe je een band kunt vervangen zonder gereedschap. In de wielkast van de Quest heb je veel minder ruimte om de band naar binnen te werken. De oude truc van mijn vader is om de band tussen je vingers te nemen en dan de band naar het midden te drukken. De oplossing is hetzelfde als Harry demonstreert, maar de techniek is net iets anders en geschikt voor de dicht wielkast van de Quest.

maandag 22 februari 2010

Poetsdag


Zaterdag een heerlijke poetsdag. De fiets en de auto voor het eerst in lange tijd gewassen. Weg met al het zout. Na de auto is de fiets aan de beurt. De hogedrukspuit doet zijn werk in de wielkasten. De modder spuit eruit. Zo dat scheelt zomaar een kilo aan gewicht.

Dan wat onderhoud. De ketting slaat door als ik de versnelling op het kleinste blad voor zet. Volgens mij kunnen er wel wat schakels uit. Als ik de fiets op het blok zet en het achterkapje verwijder, staat de ketting inderdaad zo slap als een vaatdoek. Omdat de derailleur de ketting wil terugtrekken verbind ik eerst de twee kettingdelen met een spaak. Nu staat er geen spanning meer op de ketting en kan ik rustig de ketting breken. De eerste keer ga ik te voortvarend te werk en haal er teveel schakels tussen uit. Met de tweede poging zet ik er weer een aantal schakels tussen en dan gaat goed.

Op de bodem van de Quest zitten heel veel teer spikkels, die poets ik er allemaal af. Daarna ziet de fiets er weer uit zoals het hoort: “een glimmende tijdmachine”.

Zondag is een prachtige dag de bomen hangen vol rijp en het vriest een klein beetje. De fiets is na zijn TLC -dag (true loving care) dag helemaal klaar voor een tochtje. Het is een prachtig tochtje via Wanswerd, Ferwerd, St Jacobiparochie, Stiens Leeuwarden, Lekkum en Wijns weer naar huis. Het laatste stuk van Wijns naar huis "loop" ik tegen de 18e lekke band aan. Met een slakkegangtje hobbel ik nog net naar huis. Kan ik de band mooi binnen plakken....






































zaterdag 20 februari 2010

Uit de bocht


Om 17:00 uur ben ik weggegaan van mijn werk en ben rustig naar Sneek gefietst voor de repetitie. Buiten Leeuwarden waait de wind hard en probeert me weer terug naar Leeuwarden te blazen... Het vriest dan wel niet meer, maar ik vind het gemeen koud en ben blij dat ik mijn muts opgezet heb. Het laatste stuk van Jirnsum naar Sneek begint het te regenen met hagel ertussen. Als mijn theedoek doorweekt is, en het vizier niet meer droog te krijgen is, gaat het vizier omhoog. Even later is het de beurt aan mijn bril. Bah, wat doet die hagel gemeen zeer! Mijn enige optie is om de snelheid terug te brengen. Blij ben ik als ik in Sneek aankom dit was weer een “lekker” tochtje.

"Ah", zegt Carel als ik aankom. "Voor dit weer is die fiets maar geweldig geschikt". Ik mok wat van de hagel in je ogen en regen en dan denk ik. “Kom op wees een kerel, je bent er toch… of niet dan.” Bij Carel even droge kleren aan na de douche en dan staat het eten al weer klaar.

Na een heerlijk avondje muzikaal pielen is het al weer laat geworden. Om 23:00 uur vertrek ik uit Sneek. De fiets zit onder de ijzel. In het begin doe ik voorzichtig aan, maar de weg is niet glad, en al snel loopt mijn gemiddelde, dankzij de harde wind mee, naar 38 kilometer per uur. Dat is lang geleden wordt het dan toch lente??

Na Grou ben ik in slaap gesukkeld en denk ik definitief dat het niet glad is. Ondertussen ben ik bezig om hard te fietsen. Bij de afslag naar Idaerd gaat het mis. Ik neem de bocht niet eens zo snel maar er is geen houden aan. Ik stuur de bocht goed in maar ga finaal rechtdoor. Auuuuu over een sneeuwrand de berm in, na wat hobbels sta ik stil. Voorzicht de fiets checken, alles lijkt het nog te doen. Voorzichtig probeer ik uit de berm te schommelen maar na een aantal pogingen zit ik klem. Zucht ik moet eruit…. De fiets staat dan zo weer op de weg. Maar de weg is spekglad! Het is een grote ijsbaan!! Help het is glad, wist ik dat dan niet….

Als ik weg probeer te fietsen heeft het achterwiel bijna geen grip. Zo glibber ik verder. De snelheid probeer ik nog een keer omhoog te brengen met het idee "het is vast plaatselijk", maar meteen breekt de achterkant uit. Oke, nu ik geloof het wel…. Het is dus glad…  Zo glibber ik voorzichtig naar Leeuwarden. Daar gaat mijn gemiddelde…

In Leeuwarden voel ik me nog goed en het lijkt weer wat rustiger weer te zijn. Ach, een klein rondje extra kan geen kwaaad toch?? Dus hup, via Stiens teruggefietst. Het weermannetje denkt: “Ha hij trapt erin.” En spuugt eens flink in zijn handen en denkt: “ Ik zal hem eens even lekker te grazen nemen.”

Na Leeuwarden, met harde zijwind en een glad fietspad, heb ik spijt. De fiets zwabbert als een dronken dropje over de weg en ik ben blij dat ik niet weer wegglijdt. Dan begint het ook nog te sneeuwen en is het feest compleet. Om kwart voor een ’s nachts ben ik dan eindelijk thuis. Repeteren…..? ‘t Is gewoon afzien….

dinsdag 16 februari 2010

En en denken

Zondag na een rustige dag word ik gebeld door Carel. Dol enthousiast vertelt hij dat hij in Heeg heeft geschaatst en zaterdag van Sneek naar Leeuwarden. Op slag is mijn weekenend verknoeid. Zaterdag moest ik Sander naar het FJO brengen. ’s Avonds schaatsen met de collega’s op Thialf en zondag op familie bezoek. Ik ben er helemaal raar van en ga narrig op bed. Volgens Dineke moet ik dankbaar zijn. Vrijdag gefietst naar Heerenveen, zaterdag geschaatst en vandaag "lekker" rustig aan. Als beloning voor mijn boosheid slaap ik om één uur ’s nachts nog niet.

Van ellende ontsnap ik uit het beklemmende bed en zit beneden zielig wat te surfen op het web. Maandag heb ik een drukke dag op het werk en aan het eind van de dag een bespreking dus weer geen gelegenheid om te schaatsen. Bovendien, er moet ook gefietst worden... Als we aan Dineke haar zus vertellen dat we moeten kiezen tussen het een OF het ander roept ze altijd: “Je moet en en denken, je hoeft helemaal niet te kiezen.”

De oplossing is natuurlijk simpel je hoeft niet alleen te werken. Je kunt ook EN fietsen EN werken EN schaatsen EN werken EN fietsen. Simpel toch… Dus de klapschaatsen in de fiets gegooid, een rugzak voor mijn schoenen, een jas, brood, gps en fototoestel mee. Plus natuurlijk de nette werk kleren. De Quest kun je gewoon volladen en nog heb je ruimte over.

Na een onrustige nacht: ik kan niet wachten, ik kan niet wachten...’s ochtends vertrokken in de fiets op weg naar Leeuwarden. Maandag ochtend is het hier -7 dus dat ziet er goed uit. Om kwart over elf ben ik op mijn oude tweewielkrak “heen- en weerfiets” (variatie op de “heen- en weerwolf” van Annie M.G. Schmidt Puk van de Petteflet. Ken uw klassiekers…) richting de Zwette vertrokken. De collega's zielig achter gelaten want die hebben de schaatsen nog thuis liggen.

Het weer werkt geweldig mee. Een zonnetje en geen wind. Bovendien heb ik zwart ijs met een laagje poeder sneeuw. Op je schaatsen door de wereld glijden is gewoon verrukkelijk. Elke brug moet er wel gekluund worden maar dat mag de pret niet drukken. Vlak voor Sneek bij Scharnegoutum houden de schaatssporen op dus daar ben ik maar terug gegaan.

Na drie uren heerlijk buiten gespeeld te hebben, gedoucht en weer verder gewerkt. De besprekingen liepen heel erg uit en uiteindelijk hoefde ik daardoor maar één uur vrij te nemen. Na het werk wacht nog een  fietsritje, mijn toetje, dus de fietskleren maar weer aan en naar huis gefietst. Meer van dit soort dagen en werken wordt steeds leuker…..

zaterdag 13 februari 2010

De bananenman

Deze week vond ik een zware fietsweek. Elke dag, als ik opstond, lag er een laagje sneeuw. Voordat ik het dorp uitgeploegd was had ik al zere benen. Eenmaal buiten het dorp viel er dan wel goed te fietsen maar had ik steeds harde tegenwind. De wind hier bij de kust is altijd harder en dichter dan in het binnenland. En dat vertaalt zich in zere benen en vroeg op bed.

Zaterdag begon de fietsweek. Na een repetitie in Sneek ben ik eerst nog naar Heerenveen en daarna via Tijnje en Oldeboorn naar huis gefietst. De bivakmuts had ik niet opgedaan want het wordt lente ten slotte? In Tijnje kreeg ik het zo koud dat ik de muts toch maar heb opgedaan. Daarna ben ik met harde tegenwind naar huis gefietst. Toch weer 140 kilometer gefietst.

Deze week ben ik maar één keer via Dokkum naar huis gefietst. Je merkt wel dat het weer langer licht is. De zon ging donderdag prachtig rood onder. Met de sneeuw die nog overal ligt had dat hele mooie foto’s kunnen opleveren. Maar dan moet je wel de camera meenemen natuurlijk…..

Gisteren nog even naar mijn ouders gefietst in Heerenveen. De heenweg had ik harde wind mee maar het ging niet zo lekker. De benen voelden na de hele week vermoeid en “roestig”. De terugweg ging toch weer beter dan verwacht. De heerlijke Hollandse kost, rode kool met aardappelen en stooflapjes, deed vast zijn werk. Het scheelt waarschijnlijk ook dat ik de binnenverlichting in het donker altijd uitdoe. Het lampje verblind anders te veel. Voor mijn gevoel fiets ik dan veel harder dan in werkelijkheid. Maar toch ondanks de tegenwind heb ik de terugweg in één uur en vijfendertig minuten afgelegd. Het was een heerlijke tocht. In het donker zijn er weinig mensen meer op weg. De fiets zoemt dan over het afvalt en dat is echt genieten.

Het gevoel van snelheid is in een stad toch heel anders. Na de stoplichten aan het begin van Leeuwaren fiets ik de Schrans binnen, dat is een winkelstraat. Twee politie auto’s hielden een automobilist aan en versperden behoorlijk de weg. Als een raket vloog ik tussen de twee stilstaande auto’s door en scheerde de winkelstraat in. Vijfendertig kilometer per uur buiten de stad voelt vaak traag aan. Maar in zo’n drukke straat krijg je een tijdverdichting. Het lijkt net of je in een sneldraaiende film terecht bent gekomen. Bij de afslag na het stoplicht stond een groepje bij een gevallen fietser. “Kijk de bananenman komt langs!” gilde een meisje. De hele groep keek me na en dat is toch kicken en meteen gaat het fietsten beter. Na het stoplicht probeerde een pizza bezorger me voorbij te komen maar dankzij hard optrekken, schakel kunst en vliegwerk, kon ik hem net voor blijven. Het laatste stukje buiten de stad ging weer heerlijk en dat maakt dat ik een vermoeiende fietsweek toch nog lekker afsluit.

Vannacht heb ik twaalf uur geslapen en ik voel me weer heerlijk fit. Dus laat de nieuwe fietsweek maar weer komen…..

donderdag 4 februari 2010

Klinkers

Gisteren merkte ik weer hoe de ondergrond de snelheid bepaalt. Moeizaam fietste ik van Ferwerd naar Holwerd. Dit fietspad mag best een keer opgeknapt worden, het ruwe asfalt is op heel veel plaatsen kapot. Bij elke kruising met een zijweg moet je nog een keer extra oppassen want die kruisingen zijn vaak kledderglad. Kortom, snel fiesten is er niet bij. Bij Holwerd houdt het fietspad op. Van fietsers wordt verwacht dat ze dwars door Holwerd gaan want de ringweg is verboden gebied. Maar in Holwerd is niet gestrooid en er ligt een dikke laag ijs en sneeuw prut. Bovendien mag je eerst proberen omhoog te krabbelen tegen de ijsvloer van de terp.

Tegen het eind van de avond is het rustig op de autoweg dus draai ik stiekem de weg op. Auto’s hebben het mooiste asfalt van de wereld in No time dender ik daar met 47 kilometer per uur langs. De fiets begint te zoemen van plezier!! Automobilisten hebben maar geluk. Een kilometer later draaide ik weer het ruwe fietspad op en meteen loopt mijn snelheid weer terug.

Velonauten hebben dubbel pech bij klinkers. Een side effect van niet strooien is dat de aangereden sneeuw verandert in ijs. Als het dan even dooit is de ondergrond onder de klinkers niet overal even hard. Waar plekken ijs liggen, worden de klinkers door de autowielen de grond ingeduwd. Als het ijs dan gesmolten is, is er niet meer te fietsen op de klinkerweg. Het ingereden ijs heeft de weg verandert in een Siberische kuilen en hobbel weg. In de Quest hobbel ik, als een boot in een veel te ruige zee, heen en weer. De snelheid is er na 25 meter stuiteren helemaal uit.

Ik vrees dat we nog jaren last gaan houden van het zouttekort van deze winter….